Zombies van Henk Westbroek (themasong Horizonica)

Een aan een Nederlandse horrorfilm verbonden videoclip die voor nop gemaakt is en zeer wel mogelijk op muziekzenders als TMF en MTV te zien zal zijn. Die unieke status bezit de videoclip van Zombies, de themasong van de horrorfilm Horizonica van Geldroppenaar Ramon Etman (27). Het nummer, dat eind oktober op single verschijnt, wordt gezongen door Henk Westbroek, voor wie ook een (bescheiden) rol in de film is weggelegd.

Horizonica: met weinig middelen gemaakte productie
Horizonica is een vrijwilligersproject waar met weinig middelen (goeddeels verkregen via subsidie en sponsoring), maar des te meer enthousiasme en doorzettingsvermogen aan gewerkt wordt. Al hebben de zombiefilms van George A. Romero als rolmodel gediend, aan het welbekende thema rond levende doden hebben de makers een heel eigen invulling weten te geven. En ofschoon het hier een op en top Noord-Brabantse productie betreft, met Eindhoven als “thuisbasis”, is ook elders gefilmd, waaronder in Amsterdam en op Texel. De première van de film wordt dit najaar verwacht.

In deze film verandert door een zombieplaag in Noord-Brabant het leven van talloze mensen ingrijpend. Tot degenen die met deze ondoden geconfronteerd worden, behoren onder meer studenten die in het kader van een ontgroening door de bossen struinen. Maar ook bewoners van steden en dorpen zijn hun leven niet meer zeker. Daarnaast is het scenario doorweven met enkele – soms zeer verrassende – subplots en duikt in de rolprent menig bekend gezicht op.

Henk Westbroek tussen rook en Horizonica-shots
Ook de videoclip van Zombies werd door het Horizonica-team opgenomen, met eveneens Ramon Etman als regisseur. Dat gebeurde, na een dag van voorbereidingen, op 14 juni jl. in het Beursgebouw Eindhoven.

Het nummer klinkt dermate catchy, dat Henk Westbroek hiermee wel eens zijn comeback als zanger zou kunnen gaan maken. In de videoclip portretteert de DJ, ex-politicus en – dát bovenal – vroegere voorman van Het Goede Doel met veel pathos iemand die in zijn rechterarm gebeten is door een zombie en daardoor weet dat hij zelf op korte termijn ook zo zal worden. Om anderen niets aan te kunnen doen, heeft hij zichzelf opgesloten in een metalen kooi. In een in het verleden spelende verhaallijn zien we hem een testament schrijven, door en fotoalbum met familiefoto’s bladeren, zijn aangetaste arm verbinden, in een spiegel kijken en in een fauteuil zitten. Dit alles wordt sfeervol omfloerst door rook en doorvlochten met tal van flitsende shots uit Horizonica, waardoor het geheel tegelijkertijd een soort trailerfunctie vervult. Tot die shots behoren ook fragmenten van enkele overdonderende massascènes.

Samenwerking met Henk Westbroek beklonken
Medio 2004 kwamen de makers van Horizonica in contact met Henk Westbroek. “In een brief”, memoreert Etman, “had ik hem gevraagd of hij een kleine cameo-rol in de film wilde vertolken. Het leek me gewoon fantastisch om Henk een bepaalde rol te laten spelen waar hij gewoon helemaal in paste. Dat was als baas van een radiostation.”

Dat men voor deze rol juist iemand benaderd had die in het dagelijks leven ook voor de radio werkt, was geen toeval. Etman: “Bij elke cameo in de film hebben we aan typecasting gedaan. Bij geen enkele van de cameo-rollen was het zo, dat we gezegd hebben: ‘O, we kunnen een bekende Nederlander krijgen, dus doen we die er maar in.’ Nee, we kijken echt of zo iemand in een bepaalde rol past. En soms zijn we daarvoor ook echt op zoek gegaan naar bepaalde mensen. Bij Henk ging het als volgt. Enkele weken nadat we hem benaderd hadden, liet hij me via een e-mail weten dat hij mee wilde doen, omdat hem dat ontzettend leuk leek. Hij wilde graag weten waar de film over ging, waarna er via e-mail contact over en weer is geweest. Op een gegeven moment, op een avond, kon ik hem bellen. Dat heb ik gedaan en toen hadden we het onder meer over ons beider filmvoorkeuren. Zo bleek, dat hij onder andere van oude Dracula-films houdt.”

Idee voor themasong geboren
Tijdens dat bewuste telefoongesprek kwam het onderwerp ook op de themasong van Horizonica. Etman: “Henk zei: ‘Misschien zou het ook een gaaf idee zijn als ik voor jullie de themasong zou gaan schrijven.’ Nou, dat leek mij inderdaad een heel gaaf idee! Maar Henk zei er wel bij: ‘Kijk, als ik de themasong schrijf, zou ik het leuk vinden als jullie dan de videoclip zouden maken.’ Daarop antwoordde ik meteen: ‘Ja, dat is perfect. Als jij de titelsong schrijft, maken wij er een gave clip bij en krijgen wij meteen een stuk promotie wanneer hij op muziekzenders gaat komen.’”

Hierna is Etman in overleg met het Horizonica-team gaan kijken hoe de het maken van de clip aangepakt zou kunnen worden. “Terwijl wij aan het brainstormen sloegen”, herinnert Etman zich nog goed, “ging Henk kijken hoe hij het lied in elkaar zou gaan steken. Henk is aan de slag gegaan met het schrijven van de songtekst en René Meister, met wie hij al jarenlang samenwerkt, nam het componeren van de muziek voor zijn rekening. Hoewel Henk de film Horizonica en het zombiethema in het achterhoofd hield en de song daarom ook Zombies heet, staat de tekst ervan redelijk los van het filmverhaal. Dus het is niet zo, dat de tekst heel erg veel met film te maken heeft – ondanks het feit dat de song gaat over iemand die geen zombie wil zijn, wat weer wel een beetje overeenkomt met datgene wat ook in Horizonica gebeurt.”

Wat de invulling van de videoclip betreft kregen de makers van Westbroek geheel de vrije hand. Etman: “Henk heeft tegen ons altijd gezegd: ‘Ik heb het liedje geschreven; dat is mijn ding. Aan jullie de taak om de videoclip te maken. Daarin mogen jullie al jullie creativiteit stoppen. En ik ga daar gewoon in mee.’“

In zee met Beursgebouw Eindhoven
De zoektocht naar een locatie voor het opnemen van de videoclip voerde naar het Beursgebouw Eindhoven. Uitvoerend producent Frans Brok vertelt hoe men hierbij uitkwam: “Het idee om de clip in het Beursgebouw op te nemen kwam van Chris Rombouts, directeur van onze hoofdsponsor Rombouts Showequipment [die een groot deel van het materieel dat gebruikt is bij het maken van zowel Horizonica als de videoclip aan de makers in bruikleen heeft gegeven]. Via hem zijn we in contact gekomen met het Beursgebouw. Met directrice Meranda van den Nieuwenhuijzen hebben we vervolgens een gesprek gehad en zij was hartstikke enthousiast. Zij doet zelf ook vrijwilligerswerk en begreep daardoor heel goed de insteek van het project. Ze zei: ‘Kom vanmiddag maar even terug. Dan zullen we eens twee dagen gaan prikken.’ En zodoende hebben we daar kunnen filmen. Daarna hebben we gebrainstormd over hoe we bij het maken van de clip te werk zouden kunnen gaan. Met een aantal mensen hebben we daarnaast gekeken hoe we de clip, die, zo hopen we, landelijk te zien zal zijn, het beste zouden kunnen promoten, omdat het immers ook een soort teaser/trailer voor de film is.”

Zombies is dus geheel binnenshuis opgenomen. Waarom niet, zoals diverse scènes uit Horizonica, in de bossen? Etman: “We wilden per se binnen filmen, omdat het in de bossen vanwege de aanwezigheid van insecten en de omstandigheden in het algemeen niet meer te doen was. Dus we waren ontzettend blij dat we een ruimte hadden waar we settings en stellages konden bouwen, over voldoende licht beschikten en twee dagen lang door konden filmen. Dat vonden we heel belangrijk. En al die dingen bij elkaar zijn één geheel geworden.”

“Ploegendienst” op set
Toen de locatie eenmaal vaststond, ging men kijken op welke dag alles voor de videoclip opgebouwd en getest zou worden en op welke dag de clip daadwerkelijk opgenomen zou worden. Dat moesten doordeweekse dagen worden – en daar wrong de schoen een beetje. Etman: “We probeerden twee goede dagen uit kiezen, maar omdat we met vrijwilligers werken, was dat nog niet zo eenvoudig. Want tja, op maandag en dinsdag moeten veel mensen nu eenmaal werken of op school zijn. Daarom hebben we een paar weken van tevoren eerst met Henk hierover overlegd. Hij zei: ‘Het zou mooi zijn als de single en clip eind oktober zouden uitkomen, want dan is net de komkommertijd voorbij. Dat moment zou perfect zijn.’ De film komt, zoals het er nu naar uitziet, zo’n twee maanden later uit, dus dan zouden clip en film prachtig op elkaar aansluiten. Toen hebben we naar de data 13 en 14 juni, een maandag en een dinsdag, gekeken en daarover overleg gevoerd met Chris Rombouts, de vrijwilligers, mensen van Egripment Support Systems [leverancier van o.a. dollies en kranen] en het Beursgebouw. En toen dat was gebeurd, zijn we de voorbereidingen gaan treffen voor die bewuste maandag en dinsdag.”

Etman vervolgt: “Het enige wat voor ons qua planning lastig was, maar uiteindelijk perfect is gegaan, net als bij heel het filmproject, was dat sommige vrijwilligers op bepaalde tijden pas konden komen. Dus we hebben heel creatief moeten zijn om ervoor te zorgen dat er over heel de dag verspreid voldoende mensen aanwezig zouden zijn om bij de verschillende zaken mee te helpen. Sommigen konden pas ’s middags komen en losten dan anderen af, zodat we in wezen een soort ploegendienst hadden. Op die manier hadden wij twee dagen lang van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat genoeg vrijwilligers, dankzij wie we de opnamen van deze videoclip met succes tot een goed eind hebben kunnen brengen. Zonder de hulp van deze vrijwilligers, het team van Chris Rombouts, Egripment en het Beursgebouw was deze clip nooit mogelijk geweest.”

Alles gladjes verlopen
Op maandag 13 juni was het team druk in de weer met tal van voorbereidende activiteiten. Etman: “Die dag hebben we met de vrijwilligers en het team van Chris alles opgebouwd. Dat hield in dat we de stellages moesten opbouwen en alles wat we nodig hadden moesten overbrengen: de apparatuur, de kraan en de rekwisieten, zoals de kooi, de spiegel, de fauteuil… Dat alles was er maandag. Ook hebben we die dag alle shots doorgenomen, het filmen van deze shots geoefend en alles uitgelicht.” Brok: “De kooi en de lampen hebben we in nauwe samenwerking met Chris opgehangen. Ook hebben we die dag gekeken hoe zaken als belichting en kraanbewegingen uitpakten. En we hebben het werken met de rookmachine geoefend.”

Op geen van beide dagen is de filmploeg op noemenswaardige problemen gestuit. “Het ging allemaal goed”, stelt Brok tevreden vast. “We waren zelfs een uur eerder klaar dan we gepland hadden. Wel was het zo, dat het tijdens het uitlichten op maandag al donker was, met als gevolg dat we er de volgende ochtend achterkwamen dat er hier een daar toch nog een spleet licht zichtbaar was, door toedoen van ‘Uit’-lampjes. Die lampjes moesten we daarom nog afdekken. Dat moesten we heel snel doen. Dat was het enige waar we niet op hadden gerekend.”

Het werden lange dagen, die 13e en 14e juni. Brok: “Op maandag zijn we tot een uur of één ’s nachts doorgegaan en op de opnamedag waren we pas tegen half vier ’s nachts thuis. Die tweede dag liep uit omdat we ook nog alles moesten opruimen en al onze spullen weer moesten opslaan.” Etman: “Wat ook extra tijd kostte, was dat we met het oog op de continuïteit alle plekken op de set waar iets gestaan had van stickers moesten voorzien, zodat we bij vervolgopnamen nog zouden weten hoe we alles zouden moeten opstellen. Dat was nodig omdat we niet alles in chronologische volgorde hadden opgenomen. Terwijl we bijvoorbeeld beelden met de lege kooi of een shot van de fauteuil zonder Henk opnamen, kon Henk worden opgemaakt. Op de opnamedag is Henk van kwart over acht ’s morgens tot half tien ’s avonds erbij geweest. Daarna hebben we, voordat we alles opruimden, nog wat insert shots gemaakt.”

Waar rook is, is… ijs
Een uitdaging voor het team vormde het gebruik van laaghangende rook. Etman: “Het creëren van de rook hebben we op maandag geoefend, omdat we voor het eerst gebruik zouden gaan maken van láághangende rook. Een rookmachine die van die techniek gebruik maakt had Chris toen nog maar nét in huis. Ook in Horizonica komt weliswaar veel rook voor, maar met láághangende rook hadden we nog nooit gewerkt. Dat was heel moeilijk, omdat we met de ijsklontjes zaten die daarvoor nodig waren.” IJsklontjes?! Jazeker, ijsklontjes. Brok geeft tekst en uitleg: “We hadden zo’n 40 kilo ijsklontjes nodig om het één en ander flink te kunnen koelen. Je krijgt op die manier een soort bassin waar de rook in komt en dat wordt dan heel koud, tot enkele graden boven nul. Als alles zo koud is, blijft de rook laag hangen. Door de temperatuur heel langzaam te verhogen, stijgt de rook op. En dan krijg je een heel mooie, laaghangende ‘deken’ van rook.”

“In de clip neemt die rook een centrale plaats in”, onderstreept Etman. “Waar je Henk ook ziet, of hij nu in een kooi staat, in een fauteuil zit, aan komt lopen of door een fotoalbum bladert, overal zie je rook. Dat geeft de clip een beetje een dromerige sfeer, iets extra’s. Met een heel kille aanpak, zonder rook, hadden we dit effect nooit bereikt. Juist die rook geeft de beelden, zoals ook die van de door de bossen rennende Jenny [Hsia, vertolkster van studente Jenny van Dijk] nét dat extra dat voor ons zo belangrijk is. Het lijkt misschien een klein detail, maar voor ons is het van grote waarde, omdat we denken dat de kijker hierdoor nóg iets meer onder de indruk zal raken van de film. Het probleem met rook is alleen, dat hij kanten op kan gaan dwarrelen waar je hem niet wilt hebben en daar dan blijft hangen. Dat zagen we ook in het Beursgebouw gebeuren – en dan konden we niet verder schieten. Zo hebben we bij enkele close-ups van Henk meegemaakt dat je hem door al die rook niet eens meer zag! Daarom waren we heel blij dat Chris grote waaiers meegenomen had. Want met die waaiers en de airconditioning van het Beursgebouw was de rook zó weg. Tja, dat kun je krijgen als je met rook werkt: rook gaat zijn nu eenmaal eigen gang. Dat maakte het allemaal wel iets moeilijker, maar desondanks is het prima gelukt.”

Al werd er gewerkt met lage temperaturen, koud werd het niet op de set, laat Brok desgevraagd weten. “Die dag was het zo’n 30 graden. Het was volgens mij één van de warmste dagen van juni. En de rook steeg ook redelijk snel op. Na zo’n anderhalve minuut van opwarming begon de rook al op te stijgen en moesten we alweer het volgende shot opnemen. Dat was heel intensief.”

Henk Westbroek gekooid
Het idee om een kooi te gebruiken kwam van Chris Rombouts. “Toen we een tijd terug samen met Chris over de invulling van de videoclip aan het brainstormen waren”, blikt Etman terug, “zei hij op een gegeven moment: ‘Ik heb nog wel een gaaf idee met een kooi.’ Een paar jaar geleden had hij een kooi geleverd voor een door Gijs Staverman gepresenteerd onderdeel van de Megafestatie in Utrecht.” “En die stond nog bij hem in het magazijn”, voegt Brok er aan toe. Etman vervolgt: “Toen hebben we daar samen met hem nader inhoud aan gegeven. En daar is het concept voor de videoclip uit gerold. Dat is het mooie aan Horizonica: dat je soms met elkaar gaat brainstormen, zoals met zo’n clip, daardoor op ideeën komt, er vervolgens verder over gaat brainstormen en je er dan een heel concept aan vastplakt.”

“Een moeilijkheidsfactor”, ontvouwt Etman, “was het creëren van een dusdanige sfeer dat de kooi zich in het oneindige leek te bevinden, dat de ruimte waarin deze zich bevindt overal zou kunnen zijn, voor mijn part in the middle of nowhere, op de maan of waar dan ook – kortom, een plek waarvan je totaal geen idee hebt waar deze zou kunnen zijn. Dat stelde ons voor een probleem, omdat dinsdagmorgen rond acht uur, toen we arriveerden, zaken als ‘Uit’-lampjes, noodverlichting en – door kieren – delen van kantoorruimtes te zien waren, terwijl niets daarvan zichtbaar mocht zijn. Die dag kwam Henk om kwart over acht binnen en zouden we rond negen uur met de opnamen beginnen, dus moesten we dit probleem razendsnel zien op te lossen. Dat hebben we gedaan door die ochtend met heel veel vrijwilligers als een gek alles af te schermen. We hebben zwarte doeken opgehangen, de verlichting afgeplakt en ook vuilniszakken gebruikt om zaken aan het oog te doen onttrekken.”

Voor de kleding heeft Westbroek zelf gezorgd. Etman. “Henk heeft ervoor gekozen om in de gedeeltes waarin de verhaallijn aan bod komt vrijetijdskleding te dragen en voor de rest in een zwart pak gekleed te gaan. Dat laatste gaf in de kooi een mooi luguber beeld. En het grappige was dat hij zei dat hij nog nóóit een pak had aangehad! Hij draagt ook nooit een stropdas. Speciaal voor deze gelegenheid heeft hij een pak gekocht. Dus dit was de éérste keer dat hij een pak droeg! In dat pak had hij het vrij warm, ook omdat er voortdurend lampen op hem schenen. Hij was dan ook blij dat hij tussen de opnamen door even uit de kooi kon komen en wat te drinken of te eten kon gaan halen bij de catering.”

Videoclip en film met elkaar verweven

De in de videoclip voorkomende rekwisieten zijn stuk voor stuk doelbewust gekozen. Uitgangspunt hierbij was dat ze moesten passen bij de sfeer van de clip. “Alles wat je daarin ziet, van het meubilair tot het pak dat Henk draagt, heeft een bepaalde uitstraling”, legt Etman uit. “Maar dat niet alleen: ook is álles, en dat is heel apart, terug te vinden in de film.”

Brok geeft hier enkele voorbeelden van: “De fauteuil is dezelfde fauteuil waarin je Henk in de film ziet zitten. Op die fauteuil ligt een roze shawl. Dat is de shawl die in de film gedragen wordt door Jenny. In een shot uit de film dat verwerkt is in de clip zie je dat ze deze draagt. In de spiegel zie je de jas van Maurice [van Turnhout, die gestalte geeft aan student Nathan van Rijswijk] en een T-shirt dat de studenten tijdens de ontgroening dragen. In het stuk waarin Henk een verband bij zich aanlegt zie je de stok van Merijn [Rooswater, een wetenschapper, gespeeld door Mark van der Waals] en een glas water dat symbool staat voor het virus. En wanneer Henk zijn testament aan het schrijven is, zie je een olielampje en daarna een insert shot waarin datzelfde olielampje voorkomt, in een fragment van een scène met Amanda [Smits, die studente Annemiek Verdoorn neerzet]. Zo wordt meerdere malen een link met de film gelegd en raakt het verhaal van Henk verweven met het verhaal van de film, waardoor het één geheel wordt.”

“Wat wel grappig is om te vermelden”, vertelt Etman vol elan, “is dat ook in het fotoalbum dat Henk doorbladert foto’s staan die een connectie met Horizonica hebben. Zo is de vrouw die daarin voorkomt één van onze hoofdrolspeelsters, Eva Donker [die Joyce Vale, aanvoerster van een speciale misdaadbestrijdingseenheid, speelt]. Je ziet haar ook diverse malen in de filmfragmenten die in de clip gemonteerd zijn. Op een andere foto staat een hond. Dat is de hond die actrice Aukje van Ginniken, die in Horizonica een kapster speelt, bij zich had ze op haar opnamedag. Dat vonden we wel passend: Henk neemt niet alleen afscheid van zijn vrouw, maar ook van zijn hond. En het leuke is dat de hond óók in de film zit! In de film komt een meisje met deze hond bij de balie van een kapsalon waar Aukje van Ginnikens personage werkt.”

Wie zijn of haar ogen goed de kost geeft, kan in Zombies hier en daar dingen ontdekken die anders aan de aandacht zouden ontsnappen. Brok: “In een insert shot met Jenny komt een zombie voor, maar daarvan zie je niet meer dan een hand.” Etman: “Die zombiehand zie je wanneer Jenny door het bos wandelt. Maar dat is voor de oplettende kijker.” Om die kijker paraat te laten zijn op het moment dat zich dit voordoet, zegt Brok: “Je hebt eerst het insert shot met de roze shawl en dan zie je Jenny lopen met iemand aan de hand – en dat is een zombiehand.”

Dat de videoclip een belangrijke PR-functie voor de film kan gaan vervullen, is iets waar Etman zich ten volle van bewust is. “Voor de promotie van Horizonica, een vrijwilligersproject met eigenlijk géén budget, is het natuurlijk hartstikke mooi dat we zo’n videoclip hebben kunnen maken, want dankzij deze clip kan de film landelijke bekendheid krijgen. Dat betekent heel veel voor ons, want we hópen natuurlijk, dat straks héél veel mensen zullen weten wat Horizonica is en dat we daardoor extra veel mensen zullen trekken die de film willen gaan zien.

Opbouw van spanning en sfeer
Wat de videoclipmakers heel belangrijk vonden, was om gaandeweg de clip de spanning op te bouwen. “Er wordt echt naar een climax toe gewerkt”, aldus Etman. “Aan het eind krijg je namelijk massa’s voorbijtrekkende zombies te zien. Ook belangrijk vonden we dat we met de insert shots van verhaallijn naar verhaallijn gaan, te beginnen bij Jenny die door de bossen rent. Dan zien we Amanda en zij komt vervolgens Salemme Guiaux, die Chica Long speelt, tegen. Chica is de vrouw van Brico Long [die met enkele studenten de krachten bundelt]. En zo gaan we alle verhaallijnen af. Tussendoor zie je nog Merijn en tegen het eind zie je ook nog wat gastrolspelers, cameo-spelers.”

Ook aan de opbouw van een adequate sfeer is gedacht, geeft Brok aan. “Qua opbouw van de sfeer liggen clip en film heel dicht bij elkaar. De sfeer die in de clip gecreëerd is, kun je ook ongeveer in de film verwachten. Dat in de clip niet zo gek veel zombiebeelden zitten, is gedaan om de spanning te bewaren en de kijker die spanning te laten voelen.”

Verlies van zelfcontrole
Het gegeven, dat Westbroek in de clip onwillig muteert tot zombie, vormde voor de makers het uitgangspunt om allerlei ideeën te vergaren. Etman: “Hij zingt dat hij géén zombie wil zijn, dus dan is het natuurlijk wel gaaf dat hij zich uiteindelijk tóch moet overgeven aan het zombievirus, aan het zombie zijn.” Hierop inhakend zegt Brok: “Omdat hij een zombie gaat worden, verliest hij de controle over zichzelf. Maar hij probeert deze te behouden door zich van tevoren in een kooi op te sluiten. Want daar kan hij de buitenwereld geen kwaad doen en kan omgekeerd de buitenwereld hem geen kwaad doen. Dus zo probeert hij zijn zelfcontrole te behouden, ook al weet hij dat hij verloren is. Dat is één de mooie dingen van de clip.” “En dat,” stelt Etman, “is ook het achterliggende thema van de film: verlies van zelfcontrole. Dat is wat je in heel de film terugziet en dat wilden we ook in de clip laten terugkomen. Toen hebben we met het team gekeken hoe we dat, met gebruikmaking van de kooi en het Beursgebouw als locatie, tot stand zouden kunnen brengen.”

Kleurgebruik speelde hierbij een belangrijke rol. Etman: “Om duidelijk te maken dat de beelden van Henk in de kooi zich in het heden voltrekken en de beelden met betrekking tot de verhaallijn in het verleden, hebben we alles wat met de verhaallijn te maken heeft een andere kleur gegeven.

Opmaak tot zombie
Omdat de videoclip in een dag tijd erop moest staan, was het zaak, alles tot in de puntjes voor te bereiden. Etman legt uit: “Frans en ik hebben bij het opzetten van de planning gekeken hoe we bepaalde dingen het beste zouden kunnen aanpakken. We hebben redelijk in chronologische volgorde kunnen schieten, maar we zaten heel erg met de make-up, omdat Henk op een gegeven moment een zombie moest worden. We wilden ook, en daar hielden we rekening mee bij het plannen, dat Chris op een gegeven moment de stellages kon gaan afbreken. Daarom hebben we ervoor gezorgd dat de opnamen van alles wat zich buiten de kooi afspeelt als laatste kwamen, zodat Chris alvast kon beginnen met de afbreekwerkzaamheden. Dat scheelde gewoon úren.” De volgende dag nog eventjes doorgaan was er niet bij, want, zegt Brok, “op die dag was er een schoolexamen en moesten wij eruit zijn. Daarom móesten we de planning wel zo maken.”.

“Waar we niet helemaal rekening mee hadden gehouden”, erkent Etman, “was dat Henk een beetje allergisch is voor de – heel sterk ruikende – make-up die we wilden gebruiken. We hadden hem héél heftig willen opmaken, met bulten en uit de huid sijpelend bloed, maar hebben het uiteindelijk een stuk eenvoudiger gehouden. En dat is maar goed ook, want anders was Henk waarschijnlijk niet meer te herkennen geweest en was het hele achterliggende idee niet meer goed overgekomen.” Brok knikt instemmend: “Dan zou het geleken hebben alsof je naar een zombie uit de film zit te kijken, terwijl het juist een zombie uit de clip is.”

“Dus met die make-up liep het even wat moeilijker dan voorzien,” resumeert Etman, “maar dat hebben we met visagiste Petra Kennis creatief kunnen oplossen door gewoon minder make-up te gebruiken en meer op suspense te spelen. Daar hebben we ook bij de belichting rekening mee gehouden. We hebben het zó gedaan, dat Henks zombiegezicht maar heel even in het licht baadt, maar dat je tóch het idee krijgt van: ‘Whooh, het is al gebeurd met hem! Het komt niet meer goed!’” Hierop aansluitend merkt Brok op: “Petra is kapster van beroep en heeft daarom tevens het kapsel van Henk onder handen genomen. Zij is iemand die heel veel vrije tijd heeft en ons altijd meehelpt qua make-up, zowel van zombies als anderen.”

Goede sfeer op set
Een voor de betrokkenen gedenkwaardig moment deed zich voor toen Westbroek na verloop van tijd zelf even de ‘teugels’ in handen wilde nemen. Etman denkt daar met veel plezier aan terug: “Henk zei: ‘Jongens, zou ik niet een keer zélf de cues mogen geven? Dat zou ik zó graag willen doen!.’ Die dag gaf ik de cues, zo van: ‘Camera 1 klaar? Camera 2 klaar? Rook klaar? Licht klaar?’ – noem maar op. Henk zat daar maar in die kooi en had het warm in dat pak. Tijdens het opbouwen en afbreken van alles, zoals rails, dolly en hoogwerker, hadden we weliswaar iemand die hem vermaakte, maar toch, het was af en toe wel een beetje afzien voor hem. Dus toen hebben we hem een keer de cues laten geven en dat vond hij hartstikke leuk.”

Over de samenwerking van de zanger met de crew is Etman zeer te spreken. “Je merkte dat de vrijwilligers héél goed met Henk overweg konden. Ze babbelden regelmatig gezellig met hem en tegen iedereen was hij heel vriendelijk. Het is echt een heel fijne man om mee samen te werken. En hij heeft altijd wel weer nieuwe verhalen.” Brok gaat hier op door: “Ook heeft hij al verschillende keren ideeën aangedragen voor allerlei dingen. Soms staan we er gewoon versteld hoe hij op zulke dingen komt en hoeveel kennis van zaken hij heeft. Of hij zei dan, als we nog iemand zochten voor de film: ‘Ik ken wel zo iemand. Dan moet je die en die bellen. Die kan jullie daarover informeren en wil, denk ik, ook wel vrijwillig meehelpen.’ En zo heeft hij ons meerdere keren geholpen.” Etman bevestigt dat dubbel en dwars: “Ja, hij is zó enthousiast over dit project, dat het gewoon van hem áf straalt. Dat hij tijdens dit project heel erg heeft meegedacht en hele mooie dingen heeft bewerkstelligd, vinden we werkelijk top. Hij vindt het gewoon hartstikke leuk om eraan mee te werken. En dat zag je ook op de set van de videoclip, doordat hij daar met iedereen, van de make-up tot de techniek, een praatje maakte. Iedereen had een goed gevoel over de opnamedag, omdat het gewoon een heel leuke man is om mee samen te werken – en dat is ook heel belangrijk. Dat alleen al maakte deze dag erg leuk, ondanks het feit dat we natuurlijk wel de druk hadden dat de clip ’s avonds af moest zijn. We hebben in een flink tempo de clip moeten maken, maar dat is allemaal perfect gelukt. We waren, zoals Frans al zei, zelfs nog eerder klaar dan in de planning stond.”

Dat Westbroek even in Eindhoven was, is verscheidene die dag in het stadscentrum vertoevende mensen niet ontgaan. “Op een gegeven moment”, zegt Etman, “zei Henk tegen ons zei: ‘Jongens, jullie willen vast wel wat eten. Ik ga even wat shoarma halen.’ Toen is hij, gekleed in zijn pak, maar zonder zombiemake-up, samen met mij eten gaan halen. Tijdens dat uitje werd hij door verscheidene mensen herkend. Die zeiden hem dan even gedag, zo van: ‘Hé, Henk! Hoe gaat het?’ Iedereen zag je denken: ‘Is dat écht Henk? Is dat Henk Westbroek die hier in Eindhoven loopt?’ Ook dát was heel leuk.”

Low-budget benadering
Net als bij Horizonica zijn de makers steeds in low-budgettermen blijven denken. Etman: “We hebben altijd gedacht: ‘Hoe kunnen we het zo goedkoop mogelijk aanpakken? We hebben geen geld, dus moeten we creatief zijn.’ Dat principe voerden we op alle vlakken door: van in de clip getoonde spullen als de televisie en de spiegel, die mensen ons voor niks ter beschikking gesteld hadden, tot aan de catering toe, waarvoor we goedkoop producten ingeslagen hadden, bij onder meer de supermarkt.”

Door de belangeloze medewerking van Henk Westbroek, de sponsors Rombouts Showequipment en Egripment Support Systems, het Beursgebouw Eindhoven en tal van vrijwilligers heeft Zombies op de catering na geen cent gekost. Niet zonder trots verklaart Etman dan ook: “Wat je straks mogelijk op muziekzenders gaat zien, is een clip die met een budget van nul euro en volledig met vrijwilligers gemaakt is – en dat is heel uniek! Ook dát maakt deze clip zo mooi!”

Zie voor meer informatie www.horizonica.nl en www.henkwestbroek.com.

Bron: (c) Ton van Rooij, 20 september 2005 © 2005, Ton van Rooij.

Reageer hierop