Column: Ouderwetse Duitsershaat

Als mijn vader nog zou leven zou hij dit jaar precies 95 geworden zijn. Ik ben nooit in mijn leven omgegaan met iemand die hartelijker en behulpzamer was dan hij. Behalve voor Duitsers.

Zijn weerzin tegen onze oosterburen ging zo ver dat hij zelfs niet bereid was van Duitse wegen gebruik te maken om zo snel mogelijk in Italië de vakantietent op te kunnen zetten. Gelukkig was mijn moeder thuis de baas. Ze leende jerrycans waar benzine in kon, zodat er in Duitsland niet getankt hoefde te worden en sloeg een voorraad proviand in die het onnodig zou maken om onderweg ergens een broodje te hoeven kopen.

We waren nog geen 200 kilometer op Duitse bodem of de auto begon kuren te vertonen waardoor we gedwongen waren op de eerste de beste camping de tent op te zetten. Van de uiterst vriendelijk campingbaas leende mijn vader gereedschap om aan zijn auto te kunnen sleutelen en toen dat ding weer goed liep kreeg mijn vader last van gruwelijke rugpijn. Hij voelde zich de volgende ochtend nog steeds niet in staat om een dikke duizend kilometer in een hobbelende auto te zitten, dus we bleven nog maar een dagje staan.

De camping was prachtig. Onze tent stond aan de rand van een snelstromende riviertje waarin Duitsers in lange lieslaarzen op forellen visten. Dat wilde ik ook: vissen vangen! Mijn vader vond een lange stok, knoopte daar een touwtje aan vast en omdat in de naaidoos van mijn moeder ook veiligheidsspelden zaten, kon dat touwtje van een geïmproviseerd vishaakje voorzien worden. Ik ving natuurlijk niks maar vermaakte me omdat de stroming van het riviertje ervoor zorgde dat ik lekker vaak omviel.

Na een paar uur waterplezier werd ik door een Duitse meneer in een groen pak naar de kant geroepen. Hij droeg een hoedje waarop twee vogelveren vastgeplakt waren waardoor ik vanzelfsprekend vermoedde dat het een vermomde Indiaan was. Hij vroeg iets aan me wat ik niet verstond dus ik haalde mijn vader erbij die hem wel begreep. Er ontstond een stevige ruzie tussen de twee heren naar aanleiding van het feit dat ik zonder visvergunning in beschermd viswater iets deed wat op vissen leek. De hoeder van de forellenstand schreef een bekeuring uit, die mijn vader demonstratief versnipperde en toen de goede man mijn hengel wilde afpakken beloofde mijn vader hem te zullen wurgen als hij het lef zou hebben me aan te raken.

De man schatte goed in dat mijn vader een man van zijn woord was en vertrok. Om een kwartier later terug te komen in een politieauto, die met loeiende sirene de camping op scheurde. Het feest begon van voor af aan, met dat verschil dat de rivierwachter – omdat hij nu bescherming van twee agenten genoot – het aandurfde de hengel die ik vasthield uit mijn handen te trekken. Zoals beloofd begon mijn vader hem zonder enige vorm van waarschuwing te wurgen, wat de agenten niet goed vonden. Mijn vader werd van handboeien voorzien en meegenomen. Ik stond erbij, ik keek erna en ik huilde als het kleine kind dat ik was.

“We gaan alvast inpakken en de tent afbreken”, zei mijn moeder. “En je hoeft helemaal niet te huilen want je vader heeft voor ergere vuren met Duitsers gestaan en toen is je vader ook zonder kleerscheuren thuis gekomen. Over een uur staat hij hier weer: daar kun je vergif op innemen!” Omdat alles wat mijn moeder zei altijd klopte, ging ik eerst nog een half uurtje vissen met de hengel die toch niet meegenomen was, om daarna mijn moeder te mogen helpen met het zo strak mogelijk oprollen van de tent.

Toen alles ingepakt was stapte mijn vader uit de politieauto die deze keer zonder sirene de camping opreed en zei: “Ze zullen toch echt opnieuw met een leger voor onze deur moeten staan voordat ik de boete die ik gehad heb ga betalen. Ik rij trouwens zelf wel want toen ik die mof bij zijn strot greep schoot in een klap de rugpijn m’n rug uit. Slapen we vannacht even thuis of zal ik gelijk doorrijden naar Texel?”

Bron: De Nieuwe Utrechter

6 reactie(s)

  1. Walgelijk anti Duits stukje Henk. Het cliche van de arrogante mof in uniform. Voor iemand die zelf in de periode van Leefbaar Nederland is beticht van racistische motieven, valt me dit labeltjes plakken op een complete natie enorm van je tegen.

    Waar komt die anti-Duitse houding van jou en je vader vandaan? Is hier weer sprake van een erfelijk generatie trauma? Schade Deutschland, alles ist vorbei?

    Of komt dit schrijfsel uit de koker van Henk W. zelf? Liegen is immers de kruipolie van jet intermenselijk verkeerd zei Theo van Gogh altijd.

    Ik ben een liefhebber als ik je hoor praten maar zou je dit ook plaatsen als je vader een bloedhekel had aan bijvoorbeeld Marokkanen of negers? Zou je ook over een ‘nikker’ schrijven bedoeld als beledigende term, zoals je de beschreven Duitser ook met ‘mof ‘schetst?
    Een reactie van je zal wel weer achterwege blijven…

    Mvg,
    Kenneth

    Kenneth | Jul 25, 2012 | Reageer

  2. Zucht, Kenneth, driewerf zucht.

    Heike Witz | Aug 12, 2012 | Reageer

  3. Jammer dat sommige mensen zelfs in een vakantie-anekdote rascisme weten te vinden. Gelukkig heb ik niet zo’n last van een donkere bril. Voor mij is het dan ook gewoon weer een erg leuk verhaal :).

    Niels | Aug 21, 2012 | Reageer

  4. Niels, wie heeft het over racisme? Het stukje van Henk is in juni geschreven als opmaat naar het EK Voetbal vermoed ik. En dan is het jammer dat Henk – die ik overigens bijzonder kan waarderen omwille van het feit dat hij zo’n scherpzinnige blik op de wereld heeft is – meent te moeten meedoen aan het tweejaarlijkse Duitsertje pesten. Geen racisme, wel demagogie mijns inziens.

    Kenneth | Aug 21, 2012 | Reageer

  5. Jeemig Kenneth,

    het is een anekdiote, die geen waardeoordeel geeft maar slechts een weergave van de gevoelens van ouders die de oorlog hebben meegemaakt. heb jij die meegemaaktb dan ? Kun jij je inleven in het verdriet dat dat heeft meegebracht ? Misschien zou je je daarin eens moeten verdiepen in plaats van op dezelfde wijze te oordelen als je de ander verwijt.

    Blijf mild en beoordeel het op afstand…

    maarten | Nov 25, 2012 | Reageer

  6. Maar wanneer hebben we het dan over onze ‘eigen’ problemen? Wijzen naar een ander is zo makkelijk.

    ‘World piece’ kan alleen worden opgeroepen door Miss Congeniality, maar wij kunnen ook ons steentje bijdragen, toch?

    Noian | Dec 11, 2012 | Reageer

Reageer hierop